Wordt u beschuldigd van woonfraude door de verhuurder van uw woning? Onze gespecialiseerde huurrecht advocaten kunnen u helpen om uw woning te behouden. Onze advocaten adviseren en procederen zeer regelmatig namens huurders die door de verhuurder, vaak woningcorporaties, worden beticht van woonfraude. Zeer regelmatig gaat het om een vermoeden van de verhuurder dat de huurder niet woont in het gehuurde of om vermeende illegale onderhuur van een (sociale) huurwoning. Heeft u vragen over woonfraude? Bel dan direct vrijblijvend met onze huurrecht advocaten via 020 – 623 45 77

Wat is woonfraude?

Onder woonfraude worden verschillende tekortkomingen van de huurder geschaard. Het is dan ook meer een verzamelbegrip voor de situatie waarin de verhuurder meent dat de huurder tekortschiet in de nakoming van de huurovereenkomst.

Zo wordt het verhuren van een woning via Airbnb (in strijd met de huurovereenkomst) onder woonfraude geschaard, maar wordt ook het niet permanent bewonen van een (sociale)huurwoning als woonfraude gezien. De meest voorkomende vormen van woonfraude zijn:

  1. Illegale onderhuur van een (sociale)huurwoning;
  2. Onttrekken van woonruimte door vakantieverhuur / bed and breakfast;
  3. Woningonttrekking door wietplantage;
  4. Geen hoofdbewoning c.q. leegstand van huurwoning;
  5. Ontplooien van criminele activiteiten rondom het gehuurde.

Laat u dan ook niet teveel afleiden door het woord ‘fraude’. Het hoeft niet direct te impliceren dat de verhuurder u beticht van fraude, maar het is wel van belang om de aantijgingen serieus te nemen. Vaak wordt immers een (kort geding) procedure gestart om de woning te laten ontruimen. In dat geval kunt u dus wel uw woning kwijtraken.

Wat te doen?

Woningcorporaties, in Amsterdam zijn het in ieder geval Ymere, De Alliantie, Eigen Haard, Stadgenoot, Rochdale, De Key etc. spreken of schrijven huurders vaak aan met de stelling dat er een vermoeden is ontstaan van woonfraude. Daarbij laten de woningcorporaties c.q. verhuurder vaag doorschemeren dat ze bewijs hebben, maar informeren ze de huurder slechts weinig concreet over de vermeende woonfraude.

De huurder wordt door de verhuurder aangeboden om de huur zelfstandig op te zeggen en de woning te ontruimen. De verhuurder belooft in dat geval vaak geen aanspraak te maken op verschuldigde (contractuele) boetes van enkele duizenden Euro’s en de kosten voor een juridisch proces. Op die manier wordt een huurder onder druk gezet om zelfstandig afstand te doen van het huurcontract en de woning. Let op: op dat moment raakt u dus uw woning kwijt en heeft u geen recht op vervangende woonruimte van dezelfde huurder. Teken dus niet zomaar het bijgevoegde formulier.

Kort geding of bodemprocedure tot ontruiming

Indien u niet vrijwillig instemt met de opzegging van de huurovereenkomst kan de verhuurder een procedure bij de rechtbank starten. Onze ervaring leert dat veel woningcorporaties overgaan tot het voeren van een dergelijke procedure. Daarbij wordt ook vaak gekozen voor het voeren van een kort geding. In zo een kort geding procedure die sneller een uitspraak oplevert kijkt de rechter of het aannemelijk is geworden dat de bepalingen uit de huurovereenkomst geschonden zijn of er sprake is van overtreding van regels uit het huurrecht. Indien de kort geding rechter dit aannemelijk acht, dan zal de rechter de ontruiming van het gehuurde toewijzen. De huurder krijg in dat geval doorgaans nog een periode circa van 4 tot 12 weken om de woning te verlaten en te ontruimen vanaf het moment van vonnis.

Bewijs van woonfraude

Het is in alle gevallen echter wel aan de verhuurder om te bewijzen dat er sprake is van woonfraude. En zelfs indien daar bewijs voor bestaat, dan nog is het mogelijk dat de huurder tegenbewijs levert. Vaak wensen rechters objectief bewijs te ontvangen die de vermoedens van de verhuurder over woonfraude kunnen ontkrachten. Een voorbeeld:

Een woningcorporatie vermoedt dat de huurder niet zelf in de woning woont. Zij bewijzen dit door een rapportage te overleggen waaruit blijkt dat de huurder nooit opendoet als de medewerkers van de woningcorporatie aanbellen. De rechter acht daarmee een vermoeden van woonfraude aanwezig.

Als de huurder vervolgens via pintransacties (van bezorgdiensten, winkels in de buurt) bewijst dat de huurder wel degelijk op (bijna) dagelijkse basis in (de buurt van) het gehuurde is geweest, wordt het eerder genoemde vermoeden weer ontkracht. Uit de rechtspraak volgt dat pintransacties, maar bijvoorbeeld ook rekening van de energieleverancier als tegenbewijs kunnen fungeren.

Advocaat woonfraude

Indien u door uw verhuurder beticht wordt van woonfraude is het raadzaam om eerste een van onze advocaten kosteloos en vrijblijvend te consulteren. Wij zien vaak dat huurders al verklaringen afleggen die onjuist zijn en die dan later tegen hen gebruikt worden. Door tijdig een gespecialiseerde advocaat in te schakelen is de kans veel groter dat u uw woning kunt behouden. Vragen? Vul dan het onderstaande formulier in of bel direct vrijblijvend naar: 020 – 623 45 77.

Neem vrijblijvend contact met ons op.